Logo Universiteit Utrecht

YOUth

Carlijn ontdekt...

Carlijn ontdekt: dingen

Wat doet een kinderonderzoeker eigenlijk?

Carlijn aan het werk in het KinderKennisCentrum

Carlijn in het KinderKennisCentrum

Mensen om mij heen zijn weleens verbaasd over wat er zoal bij onderzoek komt kijken. Ik ben namelijk niet alleen onderzoeker, maar ook een beetje programmeur, een beetje designer, een beetje planner, een beetje accountant, een beetje consultant, een beetje technicus, en veel docent en data- en projectmanager.

Ook geef ik regelmatig lezingen of workshops. Bijvoorbeeld aan de kinderen van een buitenschoolse opvang, om hen bekend te maken met onderzoek. Toen ik aan de kinderen vroeg wat een onderzoeker eigenlijk doet, kreeg ik het antwoord “dingen ontdekken”. Dat vat het werk mooi samen. Maar wat zou ik dan zoal ontdekken, volgens de kids?  “Bijvoorbeeld een nieuw medicijn voor als je door een slang wordt gebeten, en ze kijken ook of er leven is op Mars”.

Hoe neemt een kind de wereld waar?

Nu laat ik deze voorbeelden liever aan anderen over. Ik hou het dichter bij huis: de vraag hoe kinderen opgroeien is zeker zo relevant voor ieder die met ze te maken heeft. Bijvoorbeeld ouders, leerkrachten, medewerkers van kinderdagverblijven, hulpverleners, en bedrijven die producten of diensten voor kinderen leveren. Wat ik vooral interessant vind is hoe kinderen de wereld om zich heen waarnemen en erop reageren. Kan een kind bijvoorbeeld goed zien dat een vriendje het spannend vindt om op het klimtoestel te klimmen? En gaat hij dan helpen, of juist niet?

Ik bestudeer hoe emotieherkenning verandert als kinderen opgroeien. Zo kan een pasgeboren baby nog geen emoties herkennen in een gezichtsuitdrukking. Dit zou wel eens te maken kunnen hebben met dat zij nog geen details kunnen zien – en zonder details heb je niet genoeg informatie om te bepalen wat de emotie is. Ook verschillen tussen kinderen vind ik interessant. Ik richt me specifiek op kinderen met Autisme Spectrum Stoornissen. Zij lijken ook moeite te hebben met emoties herkennen in gezichten, maar in dit geval misschien wel doordat zij juist te veel naar details kijken.

Het spinaziedilemma

Klein jongetje met spinazie op zijn gezichtOm me voor te stellen hoe dit is, denk ik aan wat er gebeurt als je praat met iemand die een stukje spinazie tussen zijn tanden heeft. Als ik diegene niet zo goed ken, roep ik niet meteen “Hé, je hebt spinazie tussen je tanden”. In plaats daarvan denk ik eerst “Uh dit is gênant. Ik moet er eigenlijk wel iets van zeggen”. In de tussentijd is diegene veel aan het vertellen en heeft allerlei sociale signalen afgegeven. Deze signalen mis ik als ik alleen naar de spinazie kijk.

Kinderen moeten dus leren de juiste balans te vinden tussen kijken naar details en globale contouren in een gezicht. Ze moeten als het ware op de meest efficiënte manier de puzzelstukken van een gezicht en de wereld om hun heen bij elkaar leggen om zich sociaal te ontwikkelen. Ik bekijk hoe opgroeiende kinderen dit doen, én hoe we ze daarbij kunnen helpen.

Een kijkje in de wereld van een kinderonderzoeker

Carlijn van den BoomenIn ‘Carlijn ontdekt’ geeft Carlijn van den Boomen een kijkje in de keuken. Wat komt er allemaal bij kijken als je onderzoek doet naar kinderontwikkeling?

Volg Carlijn ook op Twitter!