Logo Universiteit Utrecht

YOUth

Nieuws & Blog

Chantal Kemner in groep 8: ‘Doei, lieve professor!’

 

Voor Meet the Professor fietsten 142 Utrechtse professoren naar basisscholen in de stad. YOUth-professor en babybreinexpert Chantal Kemner doorstond glansrijk het enthousiaste vragenvuur in groep 8 van OBS De Panda: ‘Een van de jongens wilde zijn hersenen voor deze les beschikbaar stellen!’

Een meisje op straat roept naar Chantal: ‘Mevrouw, bent u de professor? Ik kan niet bij de les zijn, jammer he? Doei, lieve professor!’ Even verderop is de ingang van basisschool De Panda in Kanaleneiland. Daar vangen twee klasgenootjes Chantal op: ‘Kom maar mee mevrouw, mag ik uw tas dragen?’

De toga van het lijf

Als Chantal in toga voor de klas staat zijn alle leerlingen muisstil. Dat duurt niet lang: ‘Jullie mogen me Chantal noemen, en ik vind het leuk als jullie veel vragen stellen.’ Ze haalt een kunststof model van een mensenbrein uit haar tas. ‘Een van de jongens wilde zijn eigen hersenen beschikbaar stellen voor de les,’ zegt juf Claudia. Heel lief, vindt Chantal, maar ze slaat het aanbod toch maar af: ‘Want zonder hersenen kun je niet leven!’

 

Gelukkig voldoet het plastic brein ook prima. De kinderen vuren achter elkaar vragen af: Hebben slimme mensen meer hersencellen? Hoeveel wegen hersenen? Hoeveel water zit erin? Chantal geeft behendig antwoord, en legt uit dat verschillende hersendelen met elkaar praten via verbindingen die je kunt vergelijken met straten tussen huizen: ‘Ook jullie hersenen zijn nog steeds bezig met verbindingen leggen.’

 

Het drukke babybrein

Maar het begint allemaal in de babytijd: ‘Bij baby’s gaat dat heel snel. ‘Pasgeboren baby’s zijn eigenlijk heel saai, ze huilen en slapen alleen. Maar ondertussen zijn hun hersenen druk bezig. Een kindje van één kan al veel meer.’ Dat herkennen de leerlingen met babybroertjes en -zusjes wel.


Chantal laat een filmpje zien van twee ‘pratende’ baby’s: ‘Ze zeggen alleen dadadadada, maar ze communiceren wel met gebarentaal en met hun stem. Ze kunnen dus zonder woorden met elkaar praten. Ontzettend knap! Daarom willen we weten hoe dat kan: wat gebeurt er in die hersentjes?’

Hoe onderzoek je dan eigenlijk een kinderbrein? Chantal houdt een EEG-cap omhoog: ‘We kijken hoe een brein werkt door de activiteit te meten. Als delen van het brein met elkaar praten veroorzaakt dat kleine elektrische stroompjes. Die kun je meten met deze badmuts.’

Dahag, professor!

‘Is uw werk spannend?’ Wil een leerling weten. ‘Ja, ik vind het heel spannend om te ontdekken waarom kinderen van elkaar verschillen’, antwoordt Chantal. Ze heeft bijvoorbeeld veel onderzoek gedaan naar autisme: ‘Mensen met autisme vinden het lastig om met anderen om te gaan,’ legt Chantal uit. ‘Het is heel interessant om te snappen waarom dingen die voor de meeste mensen normaal lijken, voor sommige mensen juist ingewikkeld zijn.’

Alle vragen zijn gesteld. De kinderen (en de juffen) hebben ademloos geluisterd: ‘Hun concentratieboog was ontzettend lang, zo interessant vonden ze het!’ signaleert juf Fatima. De les eindigt met een daverend applaus, en de professor stapt vol energie weer op de fiets: ‘Ik was onder de indruk van de kinderen, ze waren zo leergierig!’ Een groepje kinderen zwaait haar zingend uit: ‘Dahag professor, dahag, dahag!’

Ook interessant